Stand van zaken landelijke ondersteuning integrale organisatie en bekostiging

Overzicht
Home > nieuws > Stand van zaken landelijke ondersteuning integrale organisatie en bekostiging

In dit artikel vind je een overzicht van de ontwikkelingen rondom integrale zorg en bekostiging. Ook lees je de belangrijkste gesignaleerde uitdagingen met daarbij de stand van zaken rondom de aanpak. Dit stuk is tot stand gekomen in afstemming met de partijen van het CPZ.
 

Veel VSV’s maken grote stappen in de ontwikkeling naar integrale geboortezorg. Steeds meer van hen gaan zich verdergaand organiseren. Een deel van deze VSV’s maakt ook de stap naar integrale bekostiging. Het College Perinatale Zorg (CPZ) verenigt de landelijke geboortezorgpartijen namelijk ZN, NVZ, NVOG, KNOV, Patiëntenfederatie, NVK en Bo geboortezorg. De landelijke partijen, de Nederlandse Zorgautoriteit en het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport zetten zich in om de gesignaleerde knelpunten op te lossen. Dit doen zij door ervaringen en knelpunten in de regio’s op te halen en te verbinden met de landelijke tafel. Daarmee beogen de landelijke partijen de regio’s die integrale zorg implementeren zo goed mogelijk te ondersteunen. Daarmee zetten de landelijke partijen zich ook in om regio’s die per 2019 over willen stappen naar integrale bekostiging krachtig te ondersteunen.  


De ondersteuning richt zich op drie sporen: 

Spoor 1:  
De IGO’s (integrale geboortezorg-organisaties) die bekostigd worden op basis van de beleidsregel Integrale Bekostiging van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) 

Spoor 2:  
Regio’s die nu niet kiezen voor beleidsregel Integrale Bekostiging en integrale zorg op andere wijze financieren 

Spoor 3:  
Regio’s die overwegen gebruik te gaan maken van de beleidsregel Integrale Bekostiging 

Het CPZ, het ministerie van VWS en de Nederlandse Zorgautoriteiten hebben in rondetafelgesprekken en werkbezoeken uitgebreid gesproken met VSV’s. Het doel hiervan was om van hen te horen wat er leeft op het gebied van integrale organisatie en integrale bekostiging. Op basis van de ervaren regionale knelpunten wordt bekeken wat er landelijk nodig én mogelijk is om deze op te lossen. 


De belangrijkste aangedragen issues en de aanpak hierbij op een rij: 

  • Contractering, intentie tot volgen en gedeeltelijke uniformering van overeenkomsten door verzekeraars. 

Het contracteerproces was voor de zes ’IGO’s die in 2017 de overstap maakten naar IB en voor de zorgverzekeraars in 2017 en deels nog 2018 flink pionieren. Om dit proces beter te stroomlijnen wordt, op basis van deze ervaringen, door Zorgverzekeraar Nederland en de verzekeraars, voor de contractering een intentie tot volgen en gedeeltelijke uniformering op inhoud uitgewerkt. Vanwege de wet op de mededinging kan er geen sprake zijn van het volgen of uniformeren van tarieven. Ook blijft elke verzekeraar verantwoordelijk voor haar eigen maatschappijbeleid als het gaat om administratieve en juridische afspraken. Deze uniformering op inhoud zal tijd en verwarring gaan schelen voor de regio’s die de stap willen maken naar integrale bekostiging.    

  • ICT en gezamenlijk dossier 

Zorgverleners hebben grote behoefte om te werken met een gezamenlijk dossier voor de gehele integrale geboortezorg. Om veilige digitale informatiedeling tussen zorgverleners en de zwangere/kraamvrouw en tussen zorgverleners onderling mogelijk te maken is het landelijke actieprogramma Babyconnect, in opdracht van VWS, gestart. Het gaat daarbij om naadloos aansluitende zorg voor moeder en kind(eren) gedurende de zwangerschap en perinatale periode. Dat betekent van preconceptie tot circa zes weken post partum, inclusief de overdracht naar volgende zorgverleners, zoals bijvoorbeeld JGZ, kinderarts of huisarts. De afgelopen tijd ontwikkelden betrokken stakeholders voor dit actieprogramma een framework, oftewel een kader. Dit kader is bedoeld om tot een gezamenlijke aanpak te komen die voor de hele geboortezorg werkt. 

De landelijke partijen zijn akkoord gegaan met dit framework. Zie voor meer informatie deze link: www.babyconnect.org 

  • Toekomst beleidsregel Integrale Bekostiging 

Een veel gestelde vraag is hoe de bekostiging van de geboortezorg eruit gaat zien. Aangezien het nu nog niet mogelijk is om de beleidsregel Integrale Bekostiging te evalueren, heeft het Ministerie van VWS de Nederlandse Zorgautoriteit gevraagd uit te zoeken of het technisch mogelijk is deze beleidsregel na de experimentfase voort te laten bestaan naast de monodisciplinaire bekostiging. Hiermee blijft deze vorm van integrale bekostiging bestaan voor die VSV’s die de overstap maakten en nog gaan maken. Het antwoord van de zorgautoriteit is dat dit inderdaad technisch mogelijk is, maar nog wel een nadere uitwerking en evaluatie vraagt. Naar aanleiding van deze evaluatie wordt gekeken of de omzetting van de beleidsregel van een experimentele status naar reguliere bekostiging wenselijk is en of aanpassingen noodzakelijk zijn. 

  • Declaraties kraamzorg 

Niet alle in de regio werkzame kraamzorgorganisaties zijn momenteel aangehaakt bij de integrale geboortezorg-organisaties die werken volgens de beleidsregel Integrale Bekostiging. Het administratieve proces rond de declaraties is hierbij een belangrijke hindernis. In samenspraak met de brancheorganisaties en betrokken kraamzorgorganisaties is een oplossingsrichting uitgedacht. Deze zomer wordt gestart met de verdere uitwerking en uitvoering hiervan. Het ziet ernaar uit dat de aansluiting van de kraamzorg administratief makkelijker wordt. 

Mocht je naar aanleiding van het lezen van dit overzicht vragen hebben, aarzel dan niet om contact op te nemen met het CPZ. Margreet Vroomen-Hubner, of Marleen Kruijt-de Ruijter staan je graag te woord: 030-2739783.